Blijf op de hoogte van de nieuws items!

1-9-2026

Insectplagen in de hedera

Hedera (klimop) is een van de meest gebruikte groenblijvende planten in Nederlandse tuinen. Of je hem nu als bodembedekker, klimplant tegen de gevel of in potten gebruikt, hedera is over het algemeen een sterke plant. Toch krijgt hij, net als andere tuinplanten, te maken met plaaginsecten. In dit artikel bespreken we welke plagen in hedera je met aaltjes kunt aanpakken, en welke plagen je beter op een andere manier bestrijdt.

Taxuskever / snuitkeverlarven: de belangrijkste boosdoener

De meest voorkomende en meest schadelijke plaag in hedera is de larve van de taxuskever (Otiorhynchus sulcatus), ook wel bekend als de snuitkever. De volwassen kevers knagen 's nachts kleine hapjes uit de bladranden, wat vooral cosmetische schade geeft. De echte schade wordt aangericht door de larven: deze leven in de grond en vreten aan de wortels van de hedera. Bij een flinke aantasting kan een plant daardoor slap gaan hangen of zelfs afsterven, terwijl je bovengronds weinig ziet aankomen.

Omdat de larven ondergronds leven, zijn ze lastig te bestrijden met chemische middelen of met de hand. Hier komen aaltjes goed van pas: Heterorhabditis bacteriophora is de soort die specifiek is toegesneden op de bestrijding van taxuskeverlarven. De aaltjes zoeken de larven actief op in de bodem, dringen het lichaam binnen en zorgen ervoor dat de larve binnen enkele dagen sterft. Voor hedera in potten, bakken of border is dit een veilige en effectieve methode, zonder risico voor bijen of andere nuttige insecten.

Toepassingstip: de bodemtemperatuur moet minimaal 12°C zijn voor een goed resultaat, en de grond moet vochtig gehouden worden tijdens en na het uitgieten. De beste momenten om te behandelen zijn het voorjaar en het najaar, wanneer de larven actief zijn in de bodem.

Engerlingen en emelten: vooral bij hedera als bodembedekker

Gebruik je hedera als bodembedekker in grote vlakken, bijvoorbeeld onder bomen of langs paden? Dan kunnen ook engerlingen (larven van meikevers of junikevers) en emelten (larven van langpootmuggen) wortelschade veroorzaken, net zoals ze dat in gazons doen. Ook hiervoor zijn aaltjes een geschikte oplossing: Heterorhabditis bacteriophora wordt ingezet tegen engerlingen, terwijl Steinernema-soorten geschikt zijn voor emelten. Deze plagen komen in hedera minder vaak voor dan de taxuskeverlarve, maar zijn het overwegen waard als je bodembedekkende hedera plotseling bruine of kale plekken vertoont.

Waar aaltjes níet tegen helpen

Eerlijkheid over wat aaltjes wel en niet kunnen, vinden we belangrijk. Hedera heeft namelijk ook regelmatig last van plagen waar aaltjes geen oplossing voor bieden:

  • Bladluis – een veelvoorkomend probleem op jonge scheuten, maar bladluis leeft bovengronds en zuigt sap uit de plant. Aaltjes werken via de bodem en hebben hier geen effect op.
  • Schildluis en wolluis – deze insecten zitten vast op stengels en bladeren onder een beschermend schild of waslaagje, waardoor aaltjes ze niet kunnen bereiken.
  • Spint (spintmijt) – spint is geen insect maar een mijt, en leeft eveneens bovengronds op het blad. Ook hier is behandeling met aaltjes niet effectief.

Voor deze plagen kun je beter kijken naar mechanische verwijdering, natuurlijke vijanden (zoals lieveheersbeestjes tegen bladluis), of gerichte bladbehandelingen.

Kortom

Heeft je hedera last van wegkwijnende planten zonder duidelijke oorzaak boven de grond? Dan is de kans groot dat taxuskeverlarven (of bij bodembedekkende hedera: engerlingen of emelten) de boosdoener zijn. Met Heterorhabditis bacteriophora pak je deze ondergrondse plaag gericht en biologisch aan. Voor bovengrondse, sapzuigende plagen zoals bladluis, schildluis en spint zijn aaltjes niet de juiste keuze — daarvoor bestaan gelukkig andere, wel effectieve oplossingen.