Coloradokever bestrijden verplicht
De coloradokever (Leptinotarsa decemlineata) staat bekend als een van de meest vraatzuchtige tuinplagen. Vroeger was bestrijding wettelijk verplicht — maar is dat tegenwoordig nog steeds zo?
Nee, de bestrijding van de coloradokever is in Nederland niet meer verplicht. De specifieke wet- en regelgeving rond de coloradokever werd al in 1995 ingetrokken, omdat de kever inmiddels zo wijdverspreid was dat uitroeiing als onhaalbaar werd beschouwd. De kever is sindsdien geen quarantaine-organisme meer.
Dat neemt niet weg dat bestrijding wél verstandig is. De coloradokever kan aardappel-, tomaten-, paprika- en aubergineplanten in korte tijd volledig kaalvreten. En omdat de kevers overwinteren in de bodem, kom je ze zonder ingrijpen jaar na jaar opnieuw tegen.
De coloradokever is een bladkever van circa één centimeter lang, herkenbaar aan het bruingele dekschild met tien zwarte strepen. Ondanks de naam is de kever niet afkomstig uit Colorado, maar oorspronkelijk uit het huidige New Mexico. Hij verspreidde zich mee met de opkomst van de aardappelteelt in Noord-Amerika en bereikte uiteindelijk ook Europa.
Zowel de kevers zelf als hun larven vreten aan het loof van nachtschadefamilie-planten. De oranjegele eitjes worden afgezet aan de onderkant van bladeren, in groepjes van twintig tot zestig stuks. Onder gunstige omstandigheden legt een vrouwtje tot 800 eitjes per seizoen. Het gaat dus snel.
Waarom chemisch bestrijden weinig zin heeft
Chemische insecticiden zijn bij de coloradokever grotendeels ineffectief. De kever heeft in de loop der decennia resistentie opgebouwd tegen de meeste gangbare middelen. Bovendien zijn chemische middelen schadelijk voor nuttige insecten, bijen en het bodemleven.
Biologische bestrijding is daarmee niet alleen de milieuvriendelijkere keuze — het is ook de meer effectieve.
Coloradokever bestrijden met aaltjes
De meest effectieve biologische methode is het inzetten van Steinernema feltiae aaltjes. Deze microscopisch kleine rondwormen komen van nature in de bodem voor. Ze zoeken actief naar larven, dringen het lichaam binnen en doden de gastheer van binnenuit. Ze zijn volledig veilig voor mensen, planten, vogels en andere nuttige dieren.
Bladbehandeling (zomer)
Tijdens het actieve seizoen bevinden de larven zich op het loof. Meng de aaltjes met water en spuit de oplossing over de bladeren — ook aan de onderkant, want daar worden de eitjes gelegd. Pas de behandeling toe in de avond of bij bewolkt weer: Steinernema feltiae is gevoelig voor UV-straling en uitdroging.
Bodembehandeling (eind zomer / najaar)
Aan het einde van het seizoen trekken de larven de grond in om te overwinteren. Door dan een bodembehandeling met Steinernema feltiae uit te voeren, verklein je de populatie voor het volgende jaar aanzienlijk.
Toepassingstemperatuur: minimaal 10 °C voor een effectieve werking.
Preventie: zo beperk je de kans op een plaag
- Vruchtwisseling: plant aardappelen, tomaten en andere nachtschadeplanten niet elk jaar op dezelfde plek.
- Handmatig verwijderen: bij een vroege signalering kun je kevers, larven en eihoopjes handmatig verwijderen (emmer met zeepsop).
- Tuinhygiëne: verwijder na de oogst alle kleine aardappelknollen en verwelkte plantenresten — deze trekken overwinternde kevers aan.
- Regelmatig controleren: check de onderkant van bladeren op oranje eihoopjes, zeker in mei en juni.