Blijf op de hoogte van de nieuws items!
Geen perfect gras? Schade?
Grasschade: hoe check je snel wat de oorzaak is? Bruine, dode plekken in je gazon? Voordat je aan de slag gaat met bestrijding, is het slim om eerst te checken wát er precies aan de wortels knaagt. Engerlingen (larven van meikevers en junikevers) en emelten (larven van langpootmuggen) geven vergelijkbare schade, maar zijn niet hetzelfde beestje — en daar kun je makkelijk zelf achter komen.
Stap 1: De trekproef
Pak een stuk verdord gras vast en trek eraan. Ligt de zode los, als een los kleedje, zonder wortels? Dan is de kans groot dat de wortels zijn opgegeten.
Stap 2: Graaf een kijkgaatje
Steek een spa in de grond op de grens van een bruine plek en til een stuk graszode op (zo'n 30x30 cm, een paar centimeter diep). Tel wat je ziet:
- Engerlingen: dikke, C-vormige, witte larven met een bruine kop, meestal 1,5-3 cm. Ze liggen vaak opgekruld stil.
- Emelten: grijsbruine, pootloze larven zonder duidelijke kop, wat magerder en langwerpiger, tot zo'n 3-4 cm.
Zie je meer dan 3-4 larven per 30x30 cm? Dan is de kans groot dat dit de schade veroorzaakt.
Stap 3: Let op indirecte signalen
- Vogels (kraaien, spreeuwen, meeuwen) die druk in je gazon pikken — zij ruiken de larven.
- Zachte, sponzige plekken die inzakken als je erop loopt.
- Bij emelten: schade die vaak in het najaar begint en in het vroege voorjaar opnieuw opspeelt.
Stap 4: Timing check
- Engerlingen: schade vooral in augustus-oktober, wanneer de larven nog klein zijn en volop vreten.
- Emelten: schade vaak zichtbaar in september-november én weer in februari-april.
Weet je eenmaal met welke larve je te maken hebt, dan kun je gericht kiezen: tegen engerlingen werkt de aaltjessoort Heterorhabditis bacteriophora, tegen emelten Steinernema Carpocapsae. Toepassen kan het beste in vochtige grond bij een bodemtemperatuur van boven de 12°C.